Startpagina | Zoeken | Soort identificeren | Taxonomische boom doorbladeren | Quiz | Over deze website | Geef uw mening

Callionymus lyra
Pitvis, Geernaarsoomtje, Pilatusvisje

Slanke vis met een afgeplatte kop. Geen schubben. Ze hebben geen gewone kieuwspleet, maar een opening hoog op de kop. Dit houdt ongetwijfeld verband met hun levenswijze op de bodem.

Lentinus tigrinus
Tijgertaaiplaat

Deze zwam groeit op stammen, stronken en takken van loofbomen (wilg, es, beuk). Hoed trechtervormig tot verdiept gewelfd, 4-10 cm, crème- tot gelig-wit, met vezelige, bruinzwarte schubben en een scherpe, inscheurende rand.

Notodonta ziczac
Kameeltje

Deze vlindersoort dankt zijn Nederlandse naam aan de paarsbruinige rups met 2 tandvormige bulten op het 2e en 3e achterlijfssegment. Op het laatste achterlijfssegment heeft de rups nog een geelrode, kegelachtige bult.

Fagus sylvatica
Beuk

Algemeen voorkomende bomensoort. Op vochtige tot vrij droge, al of niet kalkrijke grond in loofbossen. Ook veel aangeplant. Bladen ondiep gegolfd-getand, gewimperd. Schors grauw, tamelijk glad.

Crocothemis erythraea
Vuurlibel

Zuidelijke soort, in Nederland alleen als dwaalgast. Bij allerlei kleine, voedselrijke, vaak ondiepe stilstaande wateren. Bij het mannetje is het hele lichaam lakrood; het vrouwtje is meer zandkleurig tot olijfgroen.

Gerris sp.
Schaatsenrijder

Maakt gebruik van oppervlaktespanning van water en kan dankzij borstelharen op de poten op het wateroppervlak staan. Met het middelste pootpaar worden snelle slagen gemaakt, het achterste pootpaar dient voor de besturing.

<< Vorige 6 | 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 ... | Volgende 6 >>