Startpagina | Zoeken | Soort identificeren | Taxonomische boom doorbladeren | Quiz | Over deze website | Geef uw mening

Lilium bulbiferum subsp. croceum
Roggelelie

Zeer zeldzaam; groeit voornamelijk in Drente. Bloemen rechtopstaand, met rechtop-afstaande bloemdekbladen, oranje met donkerder vlekjes.

Haematopus ostralegus
Scholekster

Grote, bonte, zwart-witte steltloper met lange oranje snavel en roze poten. Boort naar schelpdieren (vooral mossel, kokkel, nonnetje). Eet ook krabben, wormen en in mindere mate insecten en eieren.

Ciconia ciconia
Ooievaar

Wit verenkleed met zwarte slagpennen en dekveren, lange nek en lange rode snavel en poten. Rust vaak op één poot. Bouwt enorm nest op bomen, daken, kerktoren, ruïnes en speciaal gemaakte platforms.

Oenothera glazioviana
Grote teunisbloem

Vrij zeldzaam, komt voornamelijk voor in duinen en stedelijke gebieden, op open, droge, vaak omgewerkte zandige of stenige grond. Stengel en vruchtbeginsel met rode knobbeltjes. Kelkbladen met rode strepen of geheel rood.

Leucocoprinus birnbaumii
Goudgele plooiparasol

Vrij algemene paddenstoel. Geur onaangenaam. Hoed klokvormig tot uitgespreid, 2-4 cm, mat, fijnschubbig, zwavel- tot goudgeel, met een gestreepte, scherpe rand. Steeltop bleek geel, onder de slappe, vergankelijke ring fijn geelvlokkig of bepoederd, zwavelgeel.

Morchella semilibera
Kapjesmorielje

Eetbare paddenstoel. Hoed in verhouding tot de steel meestal klein, 2-6 cm, conisch of klokvormig, vertikaal geribd, met ondiepe holtes. Hoedrand vrij van de steel.

<< Vorige 6 | ... 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 ... | Volgende 6 >>